Begroting 2017

Hoofdlijnen

Voor een structureel evenwicht in de begroting is het inzicht in de incidentele lasten en baten belangrijk. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal 3 jaar voordoen. In hoofdlijn zijn lasten en baten structureel als deze jaarlijks in de begroting opgenomen (3 jaar of langer). Lasten en baten die korter dan 3 jaar worden opgenomen, zijn in principe incidenteel. Mutaties in de reserves zijn, op enkele uitzonderingen na, ook een incidentele last (storting in de reserve) of incidentele baat (onttrekking aan de reserve).


In paragraaf 4.3.5. ‘Geraamde incidentele baten en lasten per programma’ wordt uiteengezet welke incidentele lasten en baten zijn opgenomen in de primitieve begroting. Vanuit de tweede bestuursrapportage 2016 en de tweede begrotingswijziging 2017 wijzigt het saldo van de incidentele lasten en baten alleen in 2017 en 2018. Het overzicht incidentele lasten en baten na verwerking van tweede bestuursrapportage 2016 en de tweede begrotingswijziging 2017 is opgenomen in bijlage 11 in het bijlagenboek begroting 2017.
Het structureel resultaat na verwerking van de tweede bestuursrapportage 2016 en de tweede begrotingswijziging 2017 ziet er als volgt uit:

bedragen (* € 1.000)

2017

2018

2019

2020

Saldo meerjarenbegroting

-1.037

299

1.404

1.927

Saldo incidentele baten en lasten
(positieve bedragen betekent per saldo hogere incidentele lasten dan baten)

- primitieve begroting

862

871

698

613

- Tweede bestuursrapportage 2016

55

-15

0

0

- Tweede begrotingswijziging  2017

27

51

Resultaat structureel

-93

1.206

2.102

2.540

Uit bovenstaande tabel blijkt dat er in de begroting 2017 meer incidentele lasten dan incidentele baten zijn opgenomen. Daardoor laat het structurele resultaat een positiever bedrag zien.

In de richtlijnen van de provincie is aangegeven dat de gemeente in aanmerking komt voor het reguliere repressieve toezicht wanneer de begroting 2017 naar het oordeel van de provincie structureel in evenwicht of positief is.  Mocht dit niet het geval zijn, dan dient de meerjarenraming voldoende aannemelijk te maken dat dit evenwicht uiterlijk in 2020 wordt bereikt.
De begroting 2017 is niet in evenwicht, maar in de jaren daarna wel, waardoor met het aanbieden van deze begroting naar verwachting wordt voldaan aan de eis van de provincie.